Startklas? Kantelklas?

Hoe zit dat nou?

 

SCROLL OMLAAG

De verschillen tussen een startklas en een kantelklas lees je even verderop. Maar beide pilots kennen ook veel overeenkomsten! Zo zetten beide initiatieven zorg in om onderwijs voor jonge kinderen die de (onderwijs)boot dreigen te missen toch mogelijk te maken. INNOVO werkt hiervoor intensief samen met de zorgprofessionals van JENS. In een jaar tijd wordt alles op alles gezet om uit het kind te halen wat erin zit. Maatwerk is het devies. Flexibiliteit het toverwoord.

startklas

“Een startklas – op een basisschool – is bedoeld voor 4-jarige kinderen, die – zeker in het begin – nog veel extra (gemeentelijke) zorg nodig hebben. Door in de startklas onderwijs én zorg intensief met elkaar te verbinden, krijgen deze kinderen een kans om – na 1 jaar – door te stromen naar een (andere) reguliere basisschool. Zonder startklas werden deze kinderen vaak meteen naar het speciaal onderwijs verwezen. Er zijn startklassen op de Heerlense basisscholen De Wegwijzer en De Schakel.”

kantelklas

“Een kantelklas – op een school van speciaal onderwijs – heeft als bijzonder kenmerk dat het om jonge kinderen gaat, die in eerste instantie veel meer (gemeentelijke) zorg dan onderwijs nodig hebben. De bedoeling is om in deze bijzondere klas die balans ‘te kantelen’, zodat méér onderwijs mogelijk wordt. In een kantelklas-jaar wordt voor deze kinderen duidelijk welk type speciaal onderwijs het best passend is. De eerste kantelklas in de regio is dit schooljaar gestart op SBO De Griffel.”

JENS

JENS is een samenwerkingsverband van zeven bevlogen organisaties. Zij hebben elkaar gevonden in de overtuiging dat zorg voor kinderen en jeugdigen beter kan én moet! Laagdrempeliger, meer in samenhang en goedkoper. JENS zoekt hiervoor nadrukkelijk de samenwerking op met (huis)artsen, scholen en verenigingen.

JENS is vanaf 1 januari 2019 dé organisatie die volledig uitvoering geeft aan het jeugd- en jongerenwerk, preventieprogramma’s, daghulpprogramma’s, logeren en ambulante begeleiding en behandeling. Dit levert JENS in de gemeenten Heerlen, Landgraaf en Voerendaal.”
Bron: www.jenshelpt.nl

Intern begeleider Patty van der Aa | van basisschool De Schakel

“Over de startklas”

Dat een van de startklassen in september 2019 terechtkwam bij BS De Schakel in Heerlen is niet heel vreemd. De school staat immers midden in een wijk met veel ‘uitdagingen’ en heeft dus ruime ervaring met zorgleerlingen. Zorg in de school halen is er eerder regel dan uitzondering en er zijn al tal van korte lijntjes met ondersteunende instanties. Patty van der Aa is intern begeleider en nauw betrokken bij de startklas.

“Deze kinderen zijn er nog niet aan toe om in groep 1 van het regulier onderwijs in te stromen. Je kunt de startklas – met maximaal tien kinderen – dan ook zien als groep 0. We bieden het onderwijsprogramma van groep 1 aan, met een lichte nadruk op taal en rekenen. Elk kind heeft z’n eigen doelen en dus ook z’n eigen plan van aanpak. In de klas lopen zorg en onderwijs door elkaar heen. De leerkracht is vooral verantwoordelijk voor het onderwijs, de zorgmedewerker van JENS levert vooral de benodigde zorg en de onderwijsassistent ondersteunt op beide fronten. De zorg in de klas zorgt ervoor dat de kinderen beter tot ontwikkeling komen waardoor ze ook ontvankelijker voor onderwijs worden. In de startklas vinden we kinderen uit de hele regio. De insteek is dat ze straks instromen in groep 1 van hun eigen basisschool.”

“De startklas is er voor kinderen waarover twijfels zijn of ze op een reguliere basisschool terecht kunnen. Bij sommige kinderen is het nodig om eerst aan een aantal andere dingen te werken voordat je aan onderwijs toekomt. Tot voor kort kwamen deze kinderen meestal op een SBO of SO-school terecht. In de startklas krijgen ze de kans om zich in een jaar zodanig te ontwikkelen en te groeien dat ze wel degelijk op een reguliere school succesvol kunnen zijn.”

“Een belangrijke voorwaarde voor deelname aan de startklas is dat het kind een realistisch perspectief heeft voor regulier onderwijs. De – voorzichtige – verwachting na ruim een jaar is dat driekwart inderdaad zal doorstromen naar het regulier onderwijs. Voor een soepele overgang bieden we ook een stukje nazorg voor de school waar de kindjes naar terug gaan. De grote vraag is of deze aanpak ook op de lange termijn beklijft. Die kunnen we nu nog niet beantwoorden, maar we blijven deze kinderen natuurlijk goed volgen.”

“Als ib-er ben ik nauw betrokken bij de opzet, maar ook bij de aanmeldingsprocedure. Ik doe observaties op de voor- en vroegscholen. Je moet een kind zien en meemaken voordat er beslissingen genomen worden. Elke tien weken maken we nieuwe plannen met persoonlijke doelen. Vervolgens kijken we welke ondersteuning – zorg, didactisch, pedagogisch – daarvoor nodig is. De startklas is een voorziening op ondersteuningsniveau 4. We zetten in op doorstroming naar het regulier onderwijs, maar mocht dat niet lukken dan is de doorstroming naar het speciaal onderwijs – ondersteuningsniveau 5 – in elk geval gewaarborgd.”

“De startklas is vooralsnog een pilot. Wat het heel interessant en krachtig maakt, is de goede samenwerking met de thuisschool, met het team van de startklas, met het expertiseplatform van INNOVO. We kunnen een gedragsspecialist of een externe deskundige inschakelen als het nodig is. Laten we vooral ook niet de ouders vergeten, die zijn onze belangrijkste partners.”

PortrettenINNIEUWSnovember-PascalMoors-7

“Wat het heel interessant en krachtig maakt, is de goede samenwerking met de thuisschool, met het team van de startklas, met het expertiseplatform van INNOVO.”

“We zetten in op doorstroming naar het regulier onderwijs, maar mocht dat niet lukken dan is de doorstroming naar het speciaal onderwijs in elk geval gewaarborgd.”

PortrettenINNIEUWSnovember-PascalMoors-4-Edit

v.l.n.r.: Tanja van de Bosch (INNOVO), Marie-José Schoren en Romy Rademakers (zorgmedewerkers bij Jens)

Leerkracht Tanja van den Bosch | van SBO De Griffel

“Over de kantelklas”

“In de kantelklas krijgen kinderen de mogelijkheid om te ervaren hoe het is om onderwijs te volgen en hoe het is om in het onderwijsproces mee te mogen doen. De kinderen in deze klas kunnen niet in een reguliere school meedraaien. Omdat ze 80% zorg nodig hebben en maar 20% onderwijs aan kunnen, kunnen ze ook niet in het speciaal onderwijs terecht. Dat kan ertoe leiden dat ze thuis komen te zitten. Dat is wel het laatste wat iedereen wil, dus er staat nogal wat op het spel. We werken met z’n drieën in een klas van maximaal acht kinderen: ik ben leerkracht en verzorg het onderwijs, twee zorgmedewerkers van JENS leveren de benodigde zorg. Ze kijken wat op dat moment nodig is om de groep te kunnen laten functioneren. Soms is het voldoende om even een hand op de knie te leggen om een kind gerust te stellen, soms nemen ze een kind apart en leggen ze de structuur nog even uit.”

“Het idee is dat de verhouding onderwijs/zorg gaat kantelen. Dat er steeds meer onderwijs mogelijk is en dat de kinderen dat ook steeds beter aan kunnen. Vandaar de naam inderdaad. Het gaat om basale vaardigheden die nodig zijn om straks in een groep te functioneren: in de kring zitten, leren luisteren, niet meteen met spullen gaan gooien uit frustratie, leren vragen of iemand met je wil spelen in plaats van te gaan duwen en trekken…”


“De verscheidenheid in problematiek en in cognitieve mogelijkheden tussen de kinderen is heel groot. Je loopt tegen dingen aan op persoonlijk vlak maar ook op organisatorisch gebied. Flexibiliteit is de allerbelangrijkste eigenschap die je moet hebben in een kantelklas. Je kunt zoveel plannen als je wil, maar als het niet lukt, dan moet je het loslaten en naast je neer kunnen leggen. Morgen is weer een dag. De eerste weken was onderwijs in de klas amper mogelijk. Maar langzaamaan begint het te komen, we lassen steeds vaker onderwijsmomentjes in. Het zijn echt heel minimale stapjes die we zetten, maar de winst die uiteindelijk te behalen kan voor grote kansen zorgen voor deze kinderen. Hopelijk kunnen we laten zien wat ze in hun mars hebben. Tot nu toe is dat nog niet zichtbaar omdat ze met tal van andere uitdagingen worstelen.”


“In januari, halverwege het schooljaar, hopen we al een voorlopig idee te hebben waar dit kind thuishoort en welke ambulante begeleiding het gezin daarbij nodig heeft. Elke zes weken is er overleg, met het team, de ouders, liefst met alles en iedereen die betrokken is bij het kind. En dat zijn soms veel partijen! De consequente lijn zowel op school als thuis is erg belangrijk. We leveren maatwerk, dat mag wel duidelijk zijn. Bij deze kinderen kun je geen gaten laten vallen, want dan ga je ze verliezen. En dat is nou juist wat we hier uit alle macht proberen te voorkomen.”

“Je kunt zoveel plannen als je wil, maar als het niet lukt, dan moet je het loslaten en naast je neer kunnen leggen. Morgen is weer een dag.”